De Limburgse Oorlog (1283-1288)

Strijdtoneel Limburg

Strijdtoneel Limburg. Detail van de kaart uit: GOOSSENS, J. Woeringen en de oriëntatie van het Maasland, p. 15.

De hele Limburgse oorlog in detail uitleggen, zou ons te ver leiden.

De Limburgse Oorlog is een typisch middeleeuwse oorlog. Het is een aaneenschakeling van vele schermutselingen, belegeringen en plunderingen. Maastricht en Aken worden door de hertog van Brabant als uitvalsbasis gebruikt en zijn dus ook vaak het toneel van strijd en belegering. Veldslagen worden vermeden. Tot driemaal toe staan beide partijen in Gulpen aan de Geul tegenover elkaar, maar nooit komt het tot een veldslag. Altijd is er wel één partij die het risico niet wil nemen.

Op enkele gevechten in de Brabants-Gelderse grensstreek na, wordt er in de jaren 1283-1288 hoofdzakelijk in het hertogdom Limburg (zie kaart) gevochten. Heel wat dorpen en steden zijn belegerd, verwoest, geplunderd, platgebrand.

Er woedt echter ook een diplomatieke oorlog, waardoor nagenoeg het hele noordwestelijke deel van het Duitse Rijk rechtstreeks of onrechtstreeks betrokken is bij deze oorlog. Bondgenootschappen worden gesloten en verbroken; er wordt heel vaak van kamp gewisseld. Zo kon de Brabantse hertog  de prins-bisschop van Luik, de graaf van Loon en Gerard van Durbuy-Luxemburg - dat is de oom van de graaf van Luxemburg, een tegenstander! - overtuigen zijn kant te kiezen of zich neutraal op te stellen.

Van de zomer van 1284 tot die van 1285 is er een soort wapenstilstand, omdat de hertog van Brabant met de Franse koning op kruistocht gaat naar Aragon (een deel van het huidige Spanje). Het is eigenlijk onbegrijpelijk dat hij in volle oorlog besluit om op kruistocht te gaan.

Eens hij terug is, begint de tweede fase van de oorlog. De graaf van Gelre sluit een verbond met de machtige en rijke graaf van Vlaanderen. Hij trouwt ook met diens dochter. De Vlaamse graaf financiert mee de oorlog. De hertog van Brabant vindt dan weer een bondgenoot in de graaf van Holland. Die stuurt een vloot langs de Maas en de Waal om het Gelderse grondgebied te verwoesten. Ook overtuigt de Brabantse hertog de graaf van Kleef, tot dan bondgenoot van Gelre, zich voortaan afzijdig te houden.
image-148485-Onze_wereld_in_1288.w640.jpg
Het noordwestelijke deel van het Heilige Roomse Rijk in 1288
Kaart uit: SCHÄFKE, Werner: Worringen 1288 : historische Entscheidung im europäischen Nordwesten
Woeringen 1 288 : keerpunt in de geschiedenis van de Nederlanden en de Landen van de Nederrijn. Keulen, 1988.
Eind mei 1288 lijkt de beslissing te vallen. De graaf van Luxemburg heeft in Valkenburg een ontmoeting met de graaf van Gelre. De hertog van Brabant verneemt dat en wil zijn tegenstanders daar bij verrassing overvallen, maar zij komen dat te weten en kunnen nog net vluchten. Het strijdtoneel verplaatst zich, want Brabant valt de gebieden van de Keulse aartsbisschop binnen. In de stad Keulen sluiten de hertog van Brabant, de graven van Mark, Jülich en Berg en de inwoners van Keulen een verbond. Hun eerste doel: de burcht van de aartsbisschop in Woeringen!

Siegfried van Westerburg, aartsbisschop van Keulen, is niet van plan zijn burcht bij Woeringen zomaar te laten belegeren. Aan het hoofd van hun legers rukken de aartsbisschop en zijn bondgenoten, de graven van Gelre en Luxemburg, op naar Woeringen. De tijd voor de afrekening is aangebroken! In de voorbije jaren hebben de tegenstanders echter al driemaal tegenover elkaar gestaan, zonder dat het tot een veldslag is gekomen. Waarom nu wel?
  • De inzet van de strijd is het hertogdom Limburg en voor een groot deel wordt daar de strijd al 5 jaar uitgevochten. Als men wil dat er nog iets van Limburg overschiet, moet de oorlog dringend eindigen. Anders hebben ze al die jaren voor niks gevochten.
  • Tweede reden is dat oorlog voeren ook ontzettend duur is. De graaf van Gelre heeft zijn erfrecht op Limburg al moeten verkopen aan de graaf van Luxemburg, waarmee er een frisse en nieuwe tegenstander in de oorlog is gestapt.  Dit was slecht nieuws voor de hertog van Brabant, die intussen financieel ook op zijn tandvlees zit. De beslissing moet dus snel vallen.
  • Ten derde is de aartsbisschop van Keulen furieus: zijn vijanden zijn recent ZIJN gebied binnen gedrongen en beginnen verwoesten (hertog Jan heeft zelfs het lef gehad te gaan jagen op dieren van de aartsbisschop!), belegeren nu ZIJN burcht bij Woeringen en recent heeft ZIJN stad Keulen een bondgenootschap met Brabant gesloten tegen hem. Voor de aartsbisschop is de maat echt wel vol.
  • Tot slot is vlakbij Woeringen een grote vlakte, die zeer geschikt is voor de ruiterij.
Vooraleer we het over de veldslag hebben, is het belangrijk even stil te staan bij de vraag waar onze informatie over de slag vandaan komt? En hoe weten we of die betrouwbaar is? Lees hier alles over onze historische bronnen en onderzoek.